Noor en Sam

Hoe werkt een check-in met Roos?

Een paar minuten praten met Roos over hoe het gaat met je kind. Geen vragenlijst, geen vaste duur — een gesprek dat stopt wanneer jij wilt.

Een check-in is gewoon een kort gesprekje met Roos. Geen vragenlijst om af te werken, geen vaste duur. Je opent de app, Roos begroet je, en je vertelt over je kind van de afgelopen dagen.

Hoe een check-in verloopt

Je opent de app en Roos begint. Vaak met iets dat verwijst naar het vorige gesprek:

"Hoi Marcel. Hoe gaat het met Rosa? Was die scheur in haar nagel afgelopen week beter?"

Je antwoordt — kort als je weinig tijd hebt, langer als je in de stemming bent. Roos stelt een vervolgvraag op basis van wat je net vertelde, jij vertelt verder, en zo gaat het door tot jij stopt.

Geen scheidsrechter, geen klok. Soms een minuut, soms een half uur. Wat past.

Hoe lang duurt het?

Je bepaalt het. Vijf minuten is een prima check-in. Vijftien minuten ook. Korter mag, langer mag — er is geen "te kort" en geen "te lang". Maar eerlijk gezegd: met 15 minuten per week krijg je wel een rijker boekje.

Voor het vullen van een boekje hoef je trouwens geen lange gesprekken te voeren. Veel korte check-ins werkt minstens zo goed als af en toe een lange.

Waar vraagt Roos naar?

Naar wat er deze week gebeurde. Hoe je kind is, wat hij of zij heeft gedaan, gezegd, geweigerd, geleerd. Maar ook naar de gewone dingen die je makkelijk vergeet:

  • Wat eet hij of zij nu wel of niet?
  • Wat is het favoriete speelgoed deze week?
  • Met wie speelt hij of zij het meest?
  • Wat is een grappig moment van deze week?
  • Wat vind jij als ouder zwaar of mooi?

Geen volgorde, geen lijstje. Roos kiest waar ze op doorgaat op basis van wat jij vertelt.

Wat als ik niets te melden heb?

Dat hoor je vaak. "Er is niets gebeurd deze week." Maar bijna altijd is er wel iets — een nieuw woord, een nieuwe gewoonte, een eerste reactie op iets, een knuffel die ineens belangrijk is geworden.

Als je echt niets weet, kun je dat tegen Roos zeggen. Ze vraagt dan iets specifieks ("Wat heeft hij vandaag gegeten?" — "Wat zegt hij voor het slapen gaan?") en daar komt vaak vanzelf iets uit.

Lees ook het artikel Ik weet niet wat ik moet vertellen.

Wat als ik halverwege moet stoppen?

Sluit gewoon de app. Alles wat je tot dan toe hebt gezegd is opgeslagen. Geen knop, geen bevestiging.

Volgende keer pak Roos het op waar jullie gebleven waren. Soms vraagt ze het stukje af waar je was, soms begint ze met iets nieuws.

Op welke momenten check-in je?

Wanneer jou uitkomt. Ouders gebruiken het op heel verschillende manieren:

  • 's Avonds in bed, voor het slapen
  • Tijdens een treinrit
  • Op de bank na het avondeten als de kinderen op bed liggen
  • In de auto onderweg naar werk (in spreek-mode, niet typen tijdens het rijden)
  • Tussendoor in een wachtkamer

Er is geen verkeerd moment. Wel een tip: vlak ná een leuke of opvallende gebeurtenis is het rijkst. Een ouder die op zondagavond probeert te bedenken wat er de hele week is gebeurd, vergeet meer dan iemand die op woensdag even tien minuten vertelt over wat er die ochtend gebeurde.

Typen of praten?

Allebei kan. Wissel gerust per check-in — of zelfs midden in een gesprek. Lees het artikel Praten in plaats van typen als je in de auto wilt vertellen of geen zin hebt om te typen.

Hoe komt dit dan in een boekje?

Niet alles wat je vertelt komt letterlijk terug. Roos onthoudt het, en in het boekje verschijnen alleen de stukjes die ze waardevol vindt — verhalend opgeschreven, niet als transcript. Dingen die je terloops noemde kunnen ineens een mooi stukje worden. Dingen die je belangrijk vond, kunnen juist in de marge komen.

Dat is goed. Een boekje is niet de optelsom van alles wat je hebt gezegd. Het is een gedestilleerde versie van wie je kind die zes maanden was.

Terug naar alle onderwerpen